Topchef versus masterchef

Topchef KJ

Hoe anders gaat dat eraan toe bij Kranenborg en Jaspers, vergeleken met hun Australische tegenhangers! In hun televisiekeuken groeit niets, behalve schimmelculturen. De belangrijkste fout die zij maken is dat ze met dubbele maten meten. Onvergeeflijk. Dit is overigens een trekje dat zij delen met meerdere van die geweldige chef-koks. Een Gordon Ramsay deed dat tijdens de finale van Masterchef America namelijk ook. Op de tv stootte hij zijn medejuryleden samenzweerderig aan, wijzend op een kandidaat, ene Dave, die peperdure cantharellen, god betert ‘t, in een staafmixer aan gruzelementen jaagt, totdat de paddenstoelen tot een smeerbare smots geworden zijn. ‘Wat haalt die vent zich in zijn harses,’ foetert Ramsay, het onfeilbare jurylid, achter zijn hand. Tezelfdertijd, dit mannetje is niet bescheiden, pronkt Ramsay’s bereidingswijze van zijn signatuurgerecht op het internet waarin hij strontdure truffelchampignons hakkelt door een food-processor. What is sauce for the goose, is sauce for the gander, zullen Kranenborg en consorten gedacht hebben. In de restaurants van beide heren, in culinair opzicht elitair tot op het bot, zouden sowieso 6997 van de zevenduizend kandidaten linea recta de toegang tot hun keukens ontzegd worden, omdat ze zich geen raad zouden weten met die ‘bende viezeriken’. De wens om met je hoofd op het beeldscherm te komen en enige naamsbekendheid te genereren, verlaagt die standaard klaarblijkelijk. Met de wens om aan anderen hun liefde voor het koken over te brengen heeft hun televisieoptreden in ieder geval bitter weinig te maken.

Voor het oog van de camera pikken ze zaken op die in hun werkelijke leven allang geresulteerd hadden in een gang naar het arbeidsbureau met het verzoek om een ontslagprocedure op te starten. Daar komt bijvoorbeeld een larmoyant hittepetitje op hoge hakken de televisiekeuken binnen stiefelen, die, zonder dat ze daarvoor enige vorm van bewijs levert, andere kandidaten ervan begint te beschuldigen dat die haar ingrediënten stalen. Hoewel Kranenborg en Jaspers hun wenkbrauwen bedenkelijk optrekken bij het zien van haar hoge hakken, slikken ze haar krokodillentranen voor zoete koek en sturen haar door naar de volgende ronde. Datzelfde mokkel deinst er intussen niet voor terug om haar medekandidaten aan alle kanten te naaien en kunstjes te flikken. Wat zijn dat voor praktijken!

Allereerst hadden ze mevrouw op het bestaan van televisiebeelden moeten wijzen, net zoals degene deed die valselijk beschuldigd werd. Alles wordt immers vastgelegd. Als er dus een schoft had rondgelopen die druk bezig was om de kluit doelbewust te belazeren, dan had je dat op die beelden kunnen terugzien. Nu deden ze dat niet en door deze nalatigheid tolereren ze de aanwezigheid van een matennaaiende vrouw in hun keuken. In hun eigen domein hadden ze dat zeker nooit toegestaan. Een persoonslid die zonder grond loopt te ratten over iemand anders, verstoort de werksfeer en zou de inspanningen van het keukenteam teniet doen. Dan de rode pumps met hoge hakken. Zou iemand het presteren om zo hun keuken binnen te lopen, dan hadden ze geheid gezegd: ‘ga jij terug naar de kleedkamer en trek eens fatsoenlijke schoenen aan je lompe poten.’ Ze weten maar al te goed dat schoeisel van deze soort in een keuken met een vaak glibberige ondergrond levensgevaarlijk is, niet alleen voor haar maar ook voor de rest van het personeel. Stel dat de miep uitglijdt en op haar bek gaat terwijl ze bezig is om een pan met geblancheerde spinazie af te gieten. Hoeveel brandwonden wil je hebben en waar? Maar het grootste misverstand zit hem in het denken van het meisje zelf en ook daar hadden Kranenborg en Jaspers op moeten wijzen als leermeester. Hoe komt zo’n meisje erbij, staande achter het fornuis, om de show te willen maken als ijdeltuit? (‘Onder haar kek koksbuisje draagt ze een rode avondjurk en pumps met naaldhakken,’ zwijmelt de voice-over.) Hoe wil ze op die manier haar werk doen? Een kok staat per dag zo’n acht tot tien uur op zijn benen, soms nog langer, waarbij hij al gauw zo’n zes tot zeven kilometer afstand in de keuken overbrugt. Hoe wil je dat doen op hoge hakken? Zo’n outfit is wellicht heel erg in trek wanneer je een carrière in de porno-industrie ambieert, maar voor een kok slaat hij als een tang op een varken.

De absolute humorloosheid van hun Topchef schokt mij nog het meest, en wel omdat het aangeeft dat er zich op het televisiescherm iets perfides, iets onechts, aan het voltrekken is. Een kok die plezier heeft in het kokkerellen, die daar zijn wezen in legt, die al bij het maken van een simpele vinaigrette danspasjes aan het maken is in het blijde vooruitzicht hoe dit zal combineren met het krokant gebakken vetrandje van een lamskotelet, die doet zijn werk met een lach en niet met een houding die doet vermoeden dat de keukenbrigade druk bezig is met alle voorbereidingen voor een ophanden zijnde uitvaart van een dierbare. Ik geloof er dan ook niks van dat er in de keukens van Jaspers en Kranenborg niet gelachen zou worden, daar zijn ze veel te gepassioneerd voor als koks. Ze slagen er echter niet in om dit aspect van hun vakmanschap bij hun kandidaten over te brengen, net zo min als ze hun onfortuinlijke proefkonijntjes weten bij te brengen dat smaak niet alleen iets is wat bestaat, maar ook iets is wat ontstaat. Zonder deze scheppingsdrang is de titel ‘chef’ slechts een leeg omhulsel. Kappen dus met die flauwekul.

Dit bericht is geplaatst in Koken. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *